In 2007 liep ik mijn snelste Marathon ooit. Ik finishte in een tijd van 03:03:03 uur. Toen had ik niet het idee dat ik iets heel bijzonders deed. Verre van. Voor mij was het de normaalste zaak van de wereld.
Zelfs zo normaal dat ik, net gefinisht, enorm baalde van mijn tijd. Ik was diep teleurgesteld want dat jaar waren er 425 Nederlanders sneller dan ik.
Had ik toen mijn prestatie op waarde geschat dan had ik er van genoten, had ik zelfs naast mijn schoenen gelopen. Want het was een uitzonderlijke prestatie..
Ik hoorde namelijk bij de 0,003% snelste lopers van Nederland. Maar ik voelde me niet bijzonder. Integendeel. Voor mij was het de normaalste zaak van de wereld.
zoiets als de jackpot winnen.
Iedereen weet dat het winnen van de loterij bijna onmogelijk is. En toch doen we massaal mee. Want laat jij nou net diegene zijn die de jackpot wel wint.
En wanneer je dan wint is er ongeloof. Want zeg nu zelf: hoe groot is de kans dat dit gebeurt?
Het duurt weken of zelfs maanden voordat je je realiseert dat het echt is. Voordat je gaat beseffen dat jij de gelukkige bent en pas vanaf dat moment kun je genieten.
Bij mij duurde het 10 jaar voordat ik het kon bevatten. Voordat ik kon zien dat ik een bijzondere prestatie had neergezet en dat ik een winnaar ben.
En nu denk ik: ‘Had ik toen maar wat beter geluisterd naar Toon Hermans. De beste man zei namelijk altijd:
NIETS IS ZO BIJZONDER ALS HET GEWONE.
En hij had gelijk. Gewoon zijn is heel bijzonder, net als mijn prestatie in 2007.
Wil je geen bericht missen? Laat dan je naam en email achter.
Zodra er een nieuw bericht is mail ik je.